vrijdag 28 maart 2008

Maartse buien

Mensen praten te veel. Ik wil rust. Zitten en kijken naar een eenzame grote wolk, die binnenkort door de duisternis zal worden opgeslokt. Ik hoor in de kamer hiernaast het geroezemoes van borden en pratende mensen. Die helse maand is bijna voorbij, het zal een opluchting zijn.

De wolk groeit en slokt al het blauw van de lucht op. Het lijkt wel een schilderij. Ik huil. Geen enkele houding is nog onschuldig, alles doet pijn. Slapen lukt al meer dan een week niet meer. Vanmorgen was ik alweer wakker om halfzeven en keek ik door mijn raam. Alles was bedekt met sneeuw, en dat terwijl het paasmaandag is. De wereld is gek aan het worden, en mijn lijf ook, zo lijkt het.

Als ik enkele uren later door de kletterende hagel naar huis strompel, word ik gevangen door de leegte. Er is geen ridder op een houten paard om de eenzaamheid te doden. Er is enkel kou en moordende leegheid en tranen vermengen zich met hagelstenen, om na een lange vlucht op de grond te waaien en morgen weg te regenen tijdens de zoveelste zondvloed van deze maand. En dat in maart.

Geen opmerkingen: