Dan gaat het licht in de stad uit en wordt het onvoorstelbaar donker.
woensdag 26 december 2007
De donkerste dag
Ergens in dit land, in een grote stad met ontelbaar veel huizen, waar de mensen anoniem zijn, waar niemand meer zijn buren kent, waar niemand zich afvraagt wie toch dat meisje van hiernaast is dat zo hartverscheurend kan huilen dat de muren lijken in te storten en de maan vanuit de hemel naar beneden lijkt te gaan vallen, bovenop die grote stad met zijn ontelbare huizen, staat een huis met een piepklein zolderkamertje. Het is zo’n ongezellig studentenhuis waarvan de kamers allemaal losstaan van elkaar en de mensen elkaar enkel nog zien als ze per ongeluk tegelijkertijd de trap op- of aflopen, en waarvan zelfs het onmenselijk kleine zolderkamertje nog verhuurd wordt. Als we de gevel op zouden klauteren en het piepkleine dakraampje zouden binnenkijken, zouden we kunnen zien dat het zolderkamertje aan een meisje toebehoort. Ze heeft ogen die zo donker zijn als de donkerste decembernacht en ze danst. Ze danst met haar onzichtbare partner op muziek die alleen zij kan horen, en haar decemberdonkere ogen huilen zonder geluid. Terwijl haar voeten voorzichtig de passen zetten, stromen de de tranen over haar wangen.
Dan gaat het licht in de stad uit en wordt het onvoorstelbaar donker.
Dan gaat het licht in de stad uit en wordt het onvoorstelbaar donker.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten